Moving people

The foreign healthcare staff management specialist

Hoe solliciteren?

Verplichte velden *.

Persoonlijke gegevens

  •  
  •  
//

Gegevens

Opleiding

Talen

+ toevoegen taal - weghalen taal

Werkervaring

//
//
//
//
+ toevoegen ervaring - weghalen ervaring

Talen

A1 Basisnoties
Kernwoorden: envoudige vragen, vertrouwde en dagelijkse omgeving.
Hij/zij kan vertrouwde dagelijkse uitdrukkingen en basiszinnen, gericht op de bevrediging van concrete behoeften, begrijpen en gebruiken. Hij/zij kan zichzelf aan anderen voorstellen en kan vragen stellen en beantwoorden over persoonlijke gegevens zoals waar hij/zij woont, wie hij/zij kent en dingen die hij/zij bezit.
Hij/zij kan op een simpele wijze reageren, aangenomen dat de andere persoon langzaam en duidelijk praat en bereid is om te helpen.
A2 Overlevingsniveau
Kernwoorden: beschrijvingen, eenvoudige conversaties.
Hij/zij kan zinnen en regelmatig voorkomende uitdrukkingen begrijpen die verband hebben met zaken van direct belang (bijvoorbeeld persoonsgegevens, familie, winkelen, plaatselijke geografie, werk). Hij/zij kan communiceren tijdens simpele en alledaagse taken die een eenvoudige en directe uitwisseling over vertrouwde en alledaagse kwesties vereisen.
Hij/zij kan in eenvoudige bewoordingen aspecten van de eigen achtergrond, de onmiddellijke omgeving en kwesties op het gebied van directe behoeften beschrijven.
B1 Drempelniveau
Kernwoorden: begin van autonomie, zich kunnen redden, zijn/haar mening kunnen geven.
Hij/zij kan de belangrijkste punten begrijpen uit duidelijke standaardteksten over vertrouwde zaken die regelmatig voorkomen op het werk, op school en in de vrije tijd. Hij/zij kan zich redden in de meeste situaties die kunnen optreden tijdens reizen in gebieden waar de taal wordt gesproken. Hij/zij kan een eenvoudige lopende tekst produceren over onderwerpen die vertrouwd of die van persoonlijk belang zijn.
Hij/zij kan een beschrijving geven van ervaringen en gebeurtenissen, dromen, verwachtingen en ambities en kan kort redenen en verklaringen geven voor meningen en plannen.
B2 Zelfstandigheid
Kernwoorden: algemeen begrip en in staat om te spreken, een advies te geven, systematisch een argument uiteen te zetten.
Hij/zij kan de hoofdgedachte van een ingewikkelde tekst begrijpen, zowel over concrete als over abstracte onderwerpen, met inbegrip van technische besprekingen in het eigen vakgebied. Hij/zij kan zo vloeiend en spontaan reageren dat een normale uitwisseling met moedertaalsprekers mogelijk is zonder dat dit voor een van de partijen inspanning met zich meebrengt.
Hij/zij kan duidelijke, gedetailleerde tekst produceren over een breed scala van onderwerpen; kan een standpunt over een actuele kwestie uiteenzetten en daarbij ingaan op de voor- en nadelen van diverse opties.
C1 Uitgebreide zelfstandigheid
Kernwoorden: zich spontaan en vloeiend kunnen uitdrukken, voldoende beheersing.
Hij/zij kan een uitgebreid scala van veeleisende, lange teksten begrijpen en de impliciete betekenis herkennen. Hij/zij kan zichzelf vloeiend en spontaan uitdrukken zonder daarvoor aantoonbaar naar uitdrukkingen te moeten zoeken. Hij/zij kan flexibel en effectief met taal omgaan ten behoeve van sociale, academische en beroepsmatige doeleinden.
Hij/zij kan een duidelijke, goed gestructureerde en gedetailleerde tekst over complexe onderwerpen produceren en daarbij gebruik maken van organisatorische structuren en verbindingswoorden.
C2 Beheersing
Kernwoorden: moeiteloos begrijpen, zich spontaan kunnen uitdrukken
Hij/zij kan vrijwel alles wat hij of zij hoort of leest gemakkelijk begrijpen. Hij/zij kan informatie die afkomstig is uit verschillende gesproken en geschreven bronnen samenvatten, argumenten reconstrueren en hiervan samenhangend verslag doen. Hij/zij kan zichzelf spontaan, vloeiend en precies uitdrukken en kan hierbij fijne nuances in betekenis, zelfs in complexere situaties, onderscheiden.